Europees onderzoek naar algen als voedselbron

Vervangen we in de toekomst het eten van vis door algen en zeewier? Misschien wel. In het Europese onderzoeksproject ValgOrize werken onderzoekers uit verschillende landen rondom de Noordzee samen om algen als voedsel voor mensen te optimaliseren. HZ University of Applied Sciences is partner in dit project dat internationaal onderzoek naar duurzamer voedsel samenbrengt.

Algen als voedselbron

ValgOrize is een Interreg 2 zeeën-project, gefinancierd door de Europese Unie. Dit programma subsidieert projecten langs het Kanaal en de Noordzee van Engeland, Vlaanderen, Frankrijk en Nederland. Het voorwerk voor dit project hebben de onderzoekers voornamelijk gedaan in het RAAK-PRO-project RAAQUA, gefinancierd door Regieorgaan SIA.

Daglicht en zout voor de beste smaak

In een lab aan een binnenhaven van de Westerschelde leven ze in een ingenieus uitziend buizensysteem in een kas: de Rhodomonas Salina, een speciale, eiwitrijke algensoort die centraal staat in het Zeeuwse onderzoek. Ze smaken een beetje naar zeevruchten en bevatten een hoog gehalte aan gezonde vetten. De onderzoekers hebben ze inmiddels al verwerkt in vegan mayonaise, vegetarische hamburgers en zelfs in muffins.

In het lab krijgen ze daglicht om te groeien en kunnen de onderzoekers testen wat de beste omstandigheden zijn voor de Rhodomonas. Allerlei factoren kunnen van invloed zijn op de groei, maar ook op de smaak van de algen: de hoeveelheid daglicht, maar ook de ph-waarde en het zoutgehalte van het water.

Phd-onderzoeker Christos Latsos heeft eerst op kleine schaal in het lab getest wat de beste omstandigheden zijn en past die nu toe in de reactoren. De algen worden rondgepompt in de buizen om te voorkomen dat ze zich aan het glas hechten.

Smaakpanel

Bij het Vlaamse Instituut voor Landbouw- Visserij- en Voedingsonderzoek (ILVO) worden de algen uit de verschillende deelnemende landen onderworpen aan smaaktesten. Speciaal hiervoor opgeleide onderzoekers testen of de algen bruikbaar zijn in voedingsmiddelen.

Bij de laatste test kwam de veganaise van de Rhodomonas als beste uit de test. "Daar was ik best trots op," vertelt Christos Latsos, "omdat mijn werk in het lab het mogelijk heeft gemaakt om de smaak, tot op zekere hoogte, te beïnvloeden."

Onderzoeker Christos Latsos giet een rode vloeistof in het buizensysteem

Onderzoeker Christos Latsos aan het werk in het lab

Internationale samenwerking: hoe ging dat?

Jasper van Houcke (senior-onderzoeker en coördinator) en Christos Latsos (promovendus) zijn als onderzoekers verbonden aan het project. "Het is heel mooi en leerzaam om betrokken te zijn bij zo’n internationaal project.

Het was ook iets wat al lang op ons verlanglijstje stond," vertelt Jasper van Houcke. "Zoals wij de Rhodomonas hebben werkt bijvoorbeeld de Universiteit van Lille met een andere algensoort, de Pavlova Lutheri. In het RAAQUA-project dat voorafging aan dit project hebben we ons gespecialiseerd in de Rhodomonas en goede apparatuur aangeschaft. Dat heeft ons tot een interessante internationale samenwerkingspartner in dit project gemaakt."

Internationale aanvraag

Bij zo’n internationaal project komt nog meer kijken dan bij een RAAK-project: "Je hebt te maken met meer partijen en soms ook met cultuurverschillen. Corona heeft het allemaal nog wat lastiger gemaakt: we kunnen niet meer bij elkaar op bezoek, waardoor je de informele momenten, waarop vaak de meeste ideeën worden uitgewisseld, mist. In sommige landen heeft ook het labwerk maanden stilgelegen. We hebben hierdoor gelukkig wel extra tijd gekregen om het project af te ronden."

Portretfoto van coördinator Jasper van Houcke

Onderzoeker en coördinator Jasper van Houcke

Investeer in naamsbekendheid

"Om aan te kunnen sluiten bij dit project hebben we tijdens het RAAQUA-project niet alleen geïnvesteerd in materiaal, maar vooral ook veel in ons netwerk: het bezoeken van conferenties, publiceren van artikelen, de kwaliteit van ons werk laten zien. Daar hebben we echt veel moeite in gestoken.

Daarnaast heeft de RAAK-PRO-financiering ons nóg meer gedwongen om goede kwaliteit te leveren, die van pas komt bij een Europese aanvraag. Zo hebben we dankzij RAAQUA Christos met zijn achtergrond als biothechnicus ook kunnen betrekken. Hij komt oorspronkelijk uit Griekenland en doet nu zijn phd-onderzoek in het ValgOrize project."

Politiek

Zo’n Europese aanvraag is vaak wat politieker dan een nationale: je moet in beginsel al alle landen uit het Interreg 2 zeeëngebied in je consortium betrekken. Als een bepaald land ontbreekt in de aanvraag word je al snel afgewezen. Het scheelt dat de wereld van het algenonderzoek een internationale wereld is. En onze nieuwe, internationale naam HZ University of Applied Sciences heeft volgens mij ook wel een beetje geholpen," lacht Jasper van Houcke.

Ook voor een toekomstige samenwerking worden nu al plannen gemaakt. "We kijken nu of we met ditzelfde consortium ook een Horizon Europe-aanvraag kunnen indienen. Aan de samenwerking zal het niet liggen, die is goed. We hebben met dit consortium een stevige basis gelegd. Het voordeel van dit soort internationale samenwerkingen is, als je eenmaal een goed consortium hebt, dan blijf je vaak ook bij elkaar."