Powered by people

Waterstof kan een sleutelrol vervullen in het verduurzamen van de Nederlandse energievoorziening. Waarom maken we dan niet meer haast met de ontwikkeling van deze energiedrager? Jan Geurts van Kessel legt uit waar het stokt en hoe hogescholen helpen om een doorbraak te forceren.

Uit de praktijk

Achter een auto hangt een vierkante aanhanger, formaatje caravan. Niets bijzonders, denk je bij een snelle blik. Maar kijk je beter, dan valt je wat op. Op de kar zit een stopcontact. Een tiptoetspaneel. Een vulpistool voor het voltanken van voertuigen. En – achter futuristisch gekleurd glas – blinkende technische componenten.

De bescheiden trailer blijkt een hypermodern staaltje techniek, ontwikkeld door het Arnhemse waterstofbedrijf HyMatters. Met de systemen aan boord kan elektriciteit van bijvoorbeeld zonnepanelen worden afgetapt en omgezet in groene waterstof. Sla je die vervolgens op in de ingebouwde tank, dan kun je op elke willekeurige locatie waterstofaangedreven voertuigen voorzien van brandstof.

Behalve een rijdend tankstation is de aanhangwagen een oplossing voor het tjokvolle Nederlandse energienet. Door stroom op het juiste moment af te tappen, kun je er overbelasting van het net mee voorkomen en ruimte vrijmaken voor bijvoorbeeld elektriciteit uit wind- en zonneparken. Zo speelt de trailer een belangrijke rol in het verduurzamen van de energievoorziening.

Habitat voor hogescholen

Bij de ontwikkeling van het systeem werd HyMatters ondersteund door studenten van de HAN University of Applied Sciences. "Zij deden een trillingsanalyse, onderzochten hoe de waterstoftank veilig op de trailer kon worden bevestigd en of er demping nodig was, zodat de apparatuur tijdens het rijden niet kapot zou gaan", zegt Jan Geurts van Kessel van de HAN, die zelf een deel van de software voor de regeltechniek ontwikkelde.

Volgens Geurts van Kessel, tot vorig jaar onderzoeker aan de HAN, is het logisch dat juist een hogeschool heeft bijgedragen aan het project. "Het fundamentele onderzoek rond waterstof is ver genoeg gevorderd voor de volgende stap: het ontwerpen van bijvoorbeeld productiesystemen. Dat is een stap waarvoor toegepast onderzoek nodig is en waar vooral kleinere mkb-ondernemingen in de waterstofsector hulp bij kunnen gebruiken. In het geval van HyMatters was de vraag: hoe zorgen we dat alle componenten die nodig zijn voor de waterstoftrailer samen één geheel vormen? Precies het type vraag waarin de hogescholen thuis zijn."

HyMatters tankwagen

De grote uitdaging

Het is belangrijk dat de overstap naar praktijkgericht onderzoek snel wordt gezet, want waterstof wordt gezien als essentieel onderdeel van de toekomstige Nederlandse energievoorziening. Waterstof kan namelijk energie opnemen en bij verbranding vrijgeven. Dat is ideaal in een energiesysteem met duurzame energiebronnen. In perioden met te veel energie (als het hard waait of heel zonnig is) kan het overschot in waterstof worden opgeslagen. In windstille of bewolkte perioden kan de opgeslagen energie worden gebruikt om tekorten aan te vullen.

Maar op dit moment ontbreekt het aan de capaciteit om vaart te maken. "Dat is de grote uitdaging van de waterstoftransitie", zegt Geurts van Kessel. "Er zijn te weinig goed opgeleide mensen om de transitie uit te voeren. Daarvoor hebben we onder anderen hbo’ers nodig. Maar juist technische hogeschoolopleidingen hebben te maken met een afnemende instroom."

SEECE is een publiek-privaat expertisecentrum voor een duurzame, betrouwbare en betaalbare energievoorziening. Binnen SEECE werkt de HAN samen met bedrijven en instellingen aan technische innovatie en vergroting van de arbeidscapaciteit.

Een verrassend veelzijdige sector

Om het tij te keren moeten hogescholen volgens hem beter laten zien hoe breed en boeiend het werk in de waterstoftransitie is. Geurts van Kessel doet dit sinds vorig jaar om te beginnen uit naam van het Sustainable Electrical Energy Centre of Expertise (SEECE) van de HAN. Daarnaast werkt hij voor de Human Capital Agenda (HCA) Energietransitie van GroenvermogenNL, een investeringsprogramma voor versnelling van de waterstofmarkt.

"Het huidige beeld van de transitie is te beperkt", zegt hij. "Die zou stoffig zijn en alleen draaien om techniek. Terwijl de transitie ook een juridische en een sociale kant heeft. Wat zijn bijvoorbeeld de regels voor het vervoer van zo’n systeem over de weg? Hoe creëren we draagvlak voor waterstofcentrales in woonwijken? En ook op technisch vlak zijn er meer disciplines bij betrokken dan veel mensen denken. Van werktuigbouw en elektrochemie tot proces-, meet- en regeltechniek. Het is een heel veelzijdig vakgebied."

overleg bij het rijdende tankstation voor waterstof tussen Jan Geurts van Kessel, collega's en studenten

Overleg bij het rijdende tankstation voor waterstof. Jan Geurts van Kessel van de HAN (tweede van rechts) met studenten en collega’s van HyMatters.

Snel de waterstofpraktijk in

Wat volgens Geurts van Kessel zal helpen is dat hogeschoolstudenten eerder in aanraking komen met de praktijk. "Van oudsher waren techniekopleidingen vooral gericht op theoretisch leren. Het duurde vaak lang voordat studenten met de praktijk in aanraking kwamen, met het gevaar dat ze hun motivatie verloren. De kunst is om studenten eerder een doorkijk te bieden naar de praktijk en hoe welkom ze daar zijn. Op dat gebied zetten we als hogescholen gelukkig stappen."

Bij de HAN is er bijvoorbeeld een themaroute Waterstoftechniek, een specialisatietraject binnen de bestaande bacheloropleidingen van de Academie Engineering en Automotive. "Bij de binnenschoolse projecten, stages en het afstudeerproject van een opleiding kiezen studenten voor aspecten die relevant zijn voor de waterstof transitie. Ook presenteren ze hun afstudeerproject op een jaarlijks waterstofevent gericht op praktijkprofessionals." Studenten maken dus al vroeg in hun opleiding kennis met de waterstofsector. De hogescholen die samenwerken in de HCA GroenvermogenNL overwegen nu om de themaroute ook landelijk in te voeren.

HCA GroenvermogenNL is een samenwerkingsverband van bedrijfsleven en onderwijs voor het vergroten en delen van kennis over waterstof. Er zijn 6 hogescholen betrokken bij het programma: naast de HAN zijn dit Hanzehogeschool Groningen, Hogeschool Rotterdam, Hogeschool van Amsterdam, HZ University of Applied Sciences en Zuyd Hogeschool.

Zo blijven hogescholen relevant

Regionale Centres of Expertise, zoals SEECE in geval van de HAN, spelen een essentiële rol in de themaroute. Zij koppelen bedrijven met onderzoeksvragen aan studenten, docenten en onderzoekers. "Het project rond de waterstoftrailer kwam bijvoorbeeld via SEECE tot stand", zegt Geurts van Kessel. "Hetzelfde geldt voor onze deelname aan Connectr op het Industriepark Kleefse Waard in Arnhem. Energie-gerelateerde bedrijven daar hebben de komende jaren veel vacatures die ze moeilijk vervuld krijgen. Samen met hen hebben we daarom een joint traineeship opgezet. Zo krijgen bedrijven hulp van onze onderzoekers en studenten. En de studenten komen in contact met het hele ecosysteem van bedrijven, instellingen en overheden."

Samenwerkingsvormen zoals deze laten volgens Geurts van Kessel mooi de verwevenheid zien van onderwijs en onderzoek. "En die is bijzonder, want als onderwijsinstellingen moeten we voldoen aan accreditatie en juridische kaders. Het vergt dus lef en getuigt van visie om toch mee te doen aan dit soort maatschappelijk belangrijke projecten. Die sluiten misschien niet altijd 100% aan op de vereiste competenties, maar dragen wel bij aan de professionaliteit van de studenten. Zo blijven we relevant binnen de waterstoftransitie – en dus voor de toekomstige energievoorziening van ons land."